KNOPJE

.

Ho. stop! Niet zo snel alstublieft. Weet iemand waar zich dat ene speciale knopje bevindt? Ik zou er graag even op drukken. Extra tijd is zeer welkom, want ik heb nu het idee dat de tijd verstrijkt zonder dat ik er erg in heb of grip op krijg. Ligt dat aan mij of aan de leeftijd? Echt, hoe ouder ik word hoe sneller de tijd lijkt te gaan. Zitten er eigenlijk versnellingen op de tijd en zo ja, hoeveel? Ik houd helemaal niet van snel, doe alles liever op mijne dooie gemak, maar zelfs dan vliegt de tijd door mijn vingers. Ik wil dat knopje. Stop de tijd.

Afgelopen zondag was mijn oudste kind jarig, hij is 46 jaar nu. Het is verdorie alsof ik hem gisteren voor het eerst in mijn armen hield. Waar zijn die zes en veertig jaren gebleven? Ik wil ze terug zien en dan in slow motion graag, zodat ik goed kan bekijken wat er in die tijd allemaal gebeurd is. Ik noem hem ook nog steeds kind, ook al is hij inmiddels uitgegroeid tot een man. Als hij belt, of één van mijn andere kinderen, neem ik altijd op met: “Hé, dag kind”. Want dat blijft ie hè, je kind. Mijn kind. Mijn zoon, die binnenkort voor het eerst vader wordt, daar heel laconiek over doet, maar het vanbinnen toch ook heel spannend vindt. Gelukkig verloopt de zwangerschap tot nog toe geheel naar wens. Schoondochter is prachtig zwanger en bijna 34 weken onderweg. Even geduld nog, maar ook die laatste weken zullen zomaar opeens voorbij zijn en dan….hebben zoon en schoondochter onrustige nachten en mogen wij genieten van ons vierde kleinkind.

Ik ben slecht in wachten. Wachten duurt altijd zo lang. En toch gaat de tijd snel. Veel te snel. Ik zoek nog even door, dat knopje moet toch ergens zijn?

.

MAAND

.

En dan zijn we zo maar opeens een maand verder. Vraag me nou niet waar die maand is gebleven, want dat weet ik gewoon niet. Er is wel van alles gebeurd, dat dan weer wel. Het trieste nieuws was, dat ik kort na elkaar twee neven ben kwijtgeraakt. De eerste was 68 jaar, een zoon van een broer van mijn vader. Hij is overleden aan een hersentumor. De tweede was de oudste zoon van de jongste broer van mijn moeder. Hij was net 60 jaar geworden, in de bloei van zijn leven. Hij had een totaal verkankerd lichaam, maar wist dat niet. Eind mei ging hij naar de dokter, omdat hij wat kleine, maar toch irritante, klachten had. Twee maanden later was hij dood. Mijn tante heeft dus in korte tijd afscheid moeten nemen van een dochter, haar man en haar oudste zoon. Ze had het afgelopen vrijdag, bij de afscheid ceremonie dan ook erg zwaar. Hij was erg geliefd, mijn neefje, de kerk was compleet vol, er stonden zelfs mensen buiten en ik vond het zeer indrukwekkend. Uit de verhalen die over hem verteld werden heb ik veel over hem geleerd en ik realiseerde me, hoe jammer het is dat neven en nichten in hun volwassen leven hun eigen weg gaan. Zo hoort het natuurlijk ook, maar het onderlinge contact verdwijnt op die manier toch en dat is jammer. Voor mij voelde het als een gemiste kans.

Gelukkig zijn er ook leuke dingen gebeurd. De verjaardag van kleinzoon was geweldig, de taart heeft hij gegeten zoals het hoort: met zijn handen en zijn hele gezicht. Hij straalde. En wij ook.

Jongste zoon en zijn vriendin genieten in ons hutje, of eigenlijk daarbuiten natuurlijk, van het mooie weer en alles wat de natuur daar te bieden heeft. Hoewel vriendin eigenlijk bang is voor vogels, spoort ze zoon wel aan om alle bakjes op tijd weer te vullen. Dat gaat de goede kant op dus. Ze waren in eerste instantie van plan om uiterlijk donderdag weer naar huis te gaan, maar er komt net een berichtje binnen dat ze zaterdag gaan. Ze hebben groot gelijk, want het is daar gewoon heerlijk.

Om de maand vol te maken kan ik ook nog vertellen dat mijn jongste zusje gisteren 65 jaar mocht worden. We hebben een buitengewoon gezellige dag doorgebracht met schitterend weer en ik heb me prima vermaakt met haar twee kleindochters van 4 en 6 jaar. Zo kon ik mooi wat oefenen voor als Bjorn en ons nog te komen kleinkind straks wat groter zijn. We zijn naar de speeltuin geweest en we hebben gezellig samen gezongen. Dat zingen deden we o.a. tijdens het eten, maar met je mond vol mag je niet zingen, dus werd er gemmmd. Daar werden de nodige gekke gezichten bij getrokken natuurlijk en de kinderen vonden dat prachtig. Stralende snoetjes en dat is precies wat we willen op zo’n dag. Bij oma mag je sowieso al meer dan bij papa en mama en als er dan ook nog eens een bonus oma bijkomt die bereid is gek te doen, ja, dan is het helemaal feest natuurlijk.

Al met al een bijzondere maand.

.

THUIS

.

Ja, we zijn weer een paar dagen thuis. Gisterochtend moest ik voor de diabetescontrole. Alles werd in orde bevonden, een mooie lage bloeddruk, geen harde spuitplekken, alleen een ietsje teveel eiwitten in de urine. Dat moet wel even in de gaten gehouden worden. De bloedsuikerwaarden houd ik keurig op lange lijsten bij, die kleine boekjes die ze daarvoor beschikbaar hebben zijn niets voor mij. Dan zou ik echt stapels nodig hebben. De conclusie deze keer, net als de andere keren, is dat ik stabiel aan de hoge kant zit. Stabiel is goed en ik voel me daar zeer prettig bij. Dus.

Gisteravond hadden we een andere afspraak. Iemand had voor mij een schilderij gemaakt, van een krokodil. Het is 80 bij 80 cm en krijgt een prominente plaats in ons hutje. Het is geschilderd door een kennis van oudste zoon en ze heeft er ongelooflijk haar best op gedaan. Wij zijn er dan ook heel erg blij mee.
Vanochtend ben ik naar de kapper geweest en heb nu weer een makkelijk kort koppie. Verder hoeven we vandaag niets. Alleen een beetje tennis kijken, maar daar word je niet echt moe van.

En dan morgen. Morgen wordt onze kleinzoon Bjorn, alweer één jaar. Dat jaar is razend snel voorbij gevlogen. Echt, hoe ouder je wordt, hoe sneller de tijd lijkt te gaan. Maar morgen is het dus groot feest. Ik ben benieuwd of hij een lekkere slagroomtaart krijgt waar hij heerlijk in mag graaien. Dat zou echt genieten worden voor ons en de andere opa en oma. Voor de papa en mama misschien iets minder, want die mogen later de heleboel weer schoonmaken, maar ach, je (klein)kind wordt maar één keer één jaar, nietwaar? Feesten dus.

Vrijdag gaan we dan weer terug naar ons hutje. Nam ik in het begin steeds vuile was mee naar huis, tegenwoordig neem ik het mee naar het hutje. Daar zijn we deze maanden vaker, dan dat we thuis zijn. Goed, ik heb daar geen droger, maar wel de mogelijkheid om de was lekker in de buitenlucht te drogen. Als het niet regent dan, hè. Het fijne daarvan is, dat het zo lekker gaat ruiken. We blijven er nu drie weken achtereen, daarna nemen jongste zoon en zijn vriendin het hutje voor twee weken in beslag. Kunnen we eindelijk thuis weer eens aan de (grote) schoonmaak. Is geen overbodige luxe geloof ik, maar ik vind het ook nog geen grote noodzaak. Dus.

.

DONDER EN BLIKSEM

.

Pfffft, wat was het warm de afgelopen dagen. Ook nu loopt de temperatuur al weer aardig op. De eerste warme nacht werd een ramp. Echtgenoot is normaal al een behoorlijk luidruchtige slaper, maar meestal is een por of twee, drie voldoende om hem te laten draaien en mij de kans te geven om in slaap te vallen. Deze keer echter niet. Echtgenoot sliep bijna naakt en wilde niets over zich heen. Dat is natuurlijk prima, maar voor mij werkt dat niet. Ik wil niet alleen een nachthemd aan, ik wil ook onder het dekbed liggen. We lagen nog maar amper in bed en ik had echtgenoot net gevraagd: “No noise?” of hij begon met zagen. Eerst zachtjes, maar langzaamaan steeds luider en in no time had hij de eerste trap tegen zijn been te pakken. Dit herhaalde zich een paar keer tot ik toch in een lichte slaap viel. Niet voor lang echter. Ik werd wakker van een “elektrische” zaag. Shoot! De rest van de nacht werd ik zo’n beetje elk uur gewekt door de herrie naast me. Het maakte geen flikker uit hoe hij lag, op zijn rug, zijn linker- of zijn rechterzij. Ik was geradbraakt gisterochtend (echtgenoot trouwens ook) en ging om zes uur uiteindelijk mijn bed uit.
Heel voorzichtig stelde echtgenoot later voor: “Zal ik vanavond in het andere kamertje gaan slapen?” Een unieke vraag, want we hebben eigenlijk nog nooit apart geslapen. Ik zei meteen: “Ja, doe maar”.

Het was afgelopen nacht zo mogelijk nog warmer.

Het begon in het begin van de avond al te rommelen in de lucht. Droge donder, noem ik dat. We dachten beide dat de regen uit zou blijven en er geen echt onweer zou komen. Dat zei in eerste instantie de buienradar, maar dat viel tegen. Tegen de tijd dat we naar bed gingen, was het feest in de lucht. Het donderde en bliksemde alsof het niks was. De regen kwam met bakken uit de hemel. De hond had zich bij het eerste gerommel al verstopt onder mijn bureau en kwam daar niet meer vandaan. Even leek het iets rustiger en we gingen naar bed, ieder in zijn eigen kamer. Vreemde gewaarwording. Toen begon het gedonder weer. En hemeltje lief, wat ging het hard. Ik lag te trillen in mijn bed. Thuis ben ik super bang voor onweer, maar hier viel dat mee, hoewel het hier gevaarlijker is dan thuis met al die hoge oude bomen om ons heen. Opeens was daar een dubbele knetterende donder en ik schrok me wezenloos. Toch bleef ik liggen. Het hield echter niet op en uiteraard was het onmogelijk om in slaap te komen. Het onweer zat pal boven ons. Om vijf voor half een ging ik mijn bed uit en liep naar echtgenoot, die natuurlijk ook nog wakker was.

“Verdomme”, zei ik, “nou kan ik evengoed niet slapen en ik kan jou niet eens de schuld geven”. Echtgenoot lachte en zei dat hij dat zelf ook al had bedacht. We zijn maar in de kamer gaan zitten, waar de hond nog steeds verscholen lag. Na een half uurtje gingen we het weer proberen. Wonder boven wonder, het onweer verdween en binnen de kortste keren sliep ik. Een verder ononderbroken nacht, tot echtgenoot me vanochtend wakker maakte om kwart voor acht. Wat een luxe!

.

RATJETOE

.IMG_2466

Vandaag is onze oudste kleinzoon jarig, hij is tien jaar geworden. Ik schrijf niet zo vaak (lees: nooit) over hem, want ik zie hem en zijn zusje maar bar weinig. Afgelopen zondag werd zijn verjaardag gevierd en daar waren we natuurlijk bij. Normaal ben ik niet zo van het geven van grote cadeaus aan kinderen, (ook niet aan volwassenen eigenlijk) maar 10 is toch een kroonjaar. Ik had toevallig gehoord dat hij wel van lego houdt en dus hebben we een prachtige doos voor hem gekocht. Hij was er super blij mee en is bijna de hele middag bezig geweest met het bouwen van één van de drie mogelijkheden. Het werd het vliegtuig. Toen we ’s avonds thuis waren, kregen we een wassapje met een foto toegestuurd. Het vliegtuig was klaar en hij was apetrots. Wij ook.
..
We zijn een paar dagen thuis, juist nu de temperatuur omhoog gaat. Hoezo, bad planning? Het kon echter even niet anders. Vandaag moest ik een beddegoedwas draaien. Ja, ik heb daar een wasmachine, dat weet ik, maar die lange lappen kan ik er niet ophangen. Ik heb het een keer geprobeerd, het heeft toen drie dagen geduurd voor het helemaal droog was, omdat het een aantal keer was dubbel gevouwen, anders kon ik het niet kwijt. Dat was dus zeuren. Nu doe ik gewoon wat langer met het spul, zodat ik niet elke week naar huis hoef. Ik wacht gewoon tot het gaat stinken….Nee, niet echt, maar ik doe het bed niet elke week verschonen. Na twee weken kan ook, toch? Of drie….
..
Morgen moet ik urine inleveren en bloedprikken in het ziekenhuis en zaterdag viert zoon zijn verjaardag. En vanavond? Vanavond gaan we lekker (hoop ik) uit eten met ons net geregistreerde paar. We gaan naar een Chinees restaurant in Almere. Ik ken het, want we hebben er twee minuten vandaan gewoond en er in die tijd ook regelmatig gegeten. Maar nu had zoon het over “All you can eat sushi”. Ieks! Ik eet absoluut geen rauwe vis, ook geen rauw vlees trouwens. Ik vind rauw überhaupt zo, ehhh, rauw, zal ik maar zeggen. Volgens zoon kun je ook vis en vlees van de grill krijgen. Dat hoop ik dan maar, anders moeten we vanuit de Chinees ook nog naar de Mac of iets dergelijks. Echtgenoot, zoon en vrouw vinden het alle drie erg lekker, dus wie ben ik dan om spelbreker te zijn? Ik kan natuurlijk altijd een pakkie brood meenemen voor als de nood aan de man komt…hm, iets om over na te denken.
..
Zondag gaan we weer terug naar het hutje, waar de eekhoorns in steeds grotere aantallen langs komen. Afgelopen maandag waren er zes tegelijk. En maar jagen op elkaar, met af en toe een pauze om snel iets uit een voerbakje te pakken. Vorige week hadden we al gezien dat er één helemaal in het bakje ging zitten om op z’n dooie gemak te smikkelen. Nog geen dag later kroop er een tweede bij. En nee, het is geen grote voerbak, het is een gewoon klein kastje met een klepje. Hoe ze het doen weet ik niet, maar ze moeten ongelooflijk lenig zijn om dat te kunnen. Ik was al bang dat we ze uit de knoop moesten halen, maar nee, één voor één kwamen ze er weer uit. Zo leuk om te zien.

.

ZOMER EN SOKKEN

.
Kom je ’s morgens uit je warme bed, hoewel…het was behoorlijk koud vannacht, denk je in een behaaglijke woonkamer te stappen. Niets is minder waar, het is slechts 16 graden. Wat doe je dan? Je doet de verwarming aan, want je wilt toch wel op een prettige manier een beetje wakker worden. Buiten ligt de temperatuur op een schamele 9 graden en het ziet er niet naar uit dat dat snel meer zal zijn, want het is zwaar bewolkt en het miezert. Je gaat douchen en je aankleden. Je kijkt in je kast en ziet alle fleurige zomerkleding hangen. Brrrr, toch maar even niet nu. Het wordt een lange legging met een tuniek met lange mouwen. En sokken. Let wel, het is 16 juni hè. Hoezo zomer? Hoezo opwarming van de aarde?

De vogels trekken zich nergens iets van aan. Die gaan vrolijk verder met het voeren van de jonkies. Of ze beginnen aan een tweede leg. Daar moet je als mens toch niet aan denken, zo kort op elkaar. Zij wel. We hebben tegenwoordig ook dagelijks bezoek van de eekhoorns. Ja, meervoud deze keer, er zijn er af en toe drie tegelijk. Dat gaat niet altijd goed natuurlijk. Regelmatig wordt er op elkaar gejaagd, boom in boom uit. Omhoog en omlaag, springend van de ene boom naar de andere. Spannend om naar te kijken, maar ik ben altijd bang dat er misschien een gewond raakt. Dat zal natuurlijk ook best wel eens gebeuren, maar voor wij ons hutje hadden, kregen we daar helemaal niets van mee. Nu wel. We leren ze trouwens ook een beetje uit elkaar te houden. Niet letterlijk tijdens hun jacht op elkaar, maar op hun uiterlijk. Er is een bijna geheel grijze eekhoorn, met nauwelijks nog haar aan de staart, door ons meteen uitgeroepen tot het oudje. Er is er een met een prachtige roodbruine kleur en een mooie volle staart waar een beetje donkere gloed over valt. En dan is er ook nog een kleintje. Of dat nog een jong dier is of gewoon een niet zo grote eekhoorn, weten we niet precies, maar hij is razendsnel en prachtig om te zien.

Het stukje grond om ons hutje begint ook aardig vol te raken. Iedere keer vinden we weer leuke plantjes en iedere keer vinden we daar dan weer een mooi plekje voor. De rhodo’s hebben allemaal prachtig in bloei gestaan en beginnen nu met hun groeischeuten. De een wat meer dan de ander, maar ze doen het allemaal. Het wachten is nu op de bloei van de hortensia’s en andere plantjes. Het wordt hier steeds mooier en we genieten, ook nog steeds, met volle teugen.

.

GETROUWD?

.

Jaaaaa, het is gelukt. Oudste zoon is gisteren getrouwd. Of wacht even…nee, hij is niet getrouwd. Of toch wel? Hoe zit dat nou precies?
Tegenwoordig zijn er zo veel verschillende vormen van samenwonen mogelijk, het is voor een normaal mens gewoon niet meer bij te benen. Ik ga ze hier niet allemaal uitleggen, want de helft begrijp ik zelf niet eens, maar zoonlief is dus gisteren getrouwd en toch ook weer niet. Hij en zijn vriendin zijn officieel geregistreerde partners geworden. Dat wil zeggen dat ze getrouwd zijn, maar het wordt niet zo genoemd. De ceremonie op het stadhuis is exact hetzelfde, met alles deropenderan, alleen de benoeming is aangepast. Zoon wil namelijk een trouwerij met alle toeters en bellen die maar mogelijk zijn en daar is geld voor nodig. Heel veel geld. En dat hebben ze nu niet. Er moet natuurlijk in huis veel veranderd worden nu er een baby op komst is en ook dat kost geld. Ze willen echter wel dat de baby zonder allerlei kunstgrepen officieel hun beider kind is en op deze manier is dat mogelijk. Zodra de financiële mogelijkheid er is, kunnen ze het geregistreerd partnerschap om laten zetten in een huwelijk en gaat het uitgebreid gevierd worden.

Op die schitterende dag die het gisteren was, hebben zij dus hun jawoord gegeven. In slechts een klein gezelschap, bestaande uit ouders, broers en een paar vrienden. De ceremonie was eenvoudig, de ambtenaar kwam sympathiek over, maar maakte helaas toch een paar foutjes. Ik mocht één van de getuigen zijn en daarom werd mijn volledige naam ook een paar keer genoemd. Helaas noemde de man steeds een verkeerde naam. Het scheelde maar één letter, maar toch. In een officieel stuk moeten alle namen goed gespeld zijn. Bij de slotwoorden van de ambtenaar kreeg zoonlief opeens een heel andere naam toebedeeld, Peter. Ter verontschuldiging zei de ambtenaar dat hij door het noemen van al die namen een beetje in de war was. De naam Peter kwam echter helemaal nergens voor en ik kwam tot de conclusie dat hij gewoon zijn eigen naam (Pieter) belangrijker vond. Het is echter goed afgelopen. Op mijn verzoek heeft hij mijn naam in alle stukken gecheckt en bood daarna zijn excuses aan, omdat hij gewoon niet goed gelezen had, maar mijn naam was wel goed geschreven. Toch wel een beetje slordig.

Dat mocht de pret verder niet drukken. Zoon en schoondochter zijn zielsgelukkig met elkaar en na de felicitaties zijn we met zijn allen naar hun huis gegaan om een klein feestje te vieren. Het werd een ontzettend warme, maar heel erg leuke dag. De naam Peter kwam nog regelmatig langs, maar gelukkig is zoon een zeer relaxed mens, die daar allerminst moeilijk over doet en vrolijk om de grap meelacht. Er hing een zeer positieve sfeer deze dag en volgens zoon heeft dat er ook toe bijgedragen, dat er bij de vier kinderen, variërend in leeftijd van 11 maanden tot 9 jaar, die de hele dag aanwezig waren geen traan of lelijk woord is gevallen. Waar kom je dat nog tegen?

Lieve zoon en schoondochter, ik wens jullie alle geluk van de wereld en ik hou van jullie.

.